Koos: Ik heb de ergste misdaad willen plegen.

Hier kom je op een gevaarlijk terrein. Het manipuleren van Koos. Als je het onderstaande geschreven  Je daar in mee laat trekken. In die zin van: “erg he, zielig he het is ongelooflijk wat een slechte moeder” Dan moet je sterk in je schoenen staan dat je Koos niet gaat zien als een mens. in plaats van een monster.

Koos: En dat was ik, dat gezin spoorde niet voor een meter.                                                                     Nico: Nee natuurlijk niet.

Koos: Echt niet.

Nico:  Ha ha ja maar hoe heet dat. Maar in die tijd was het oppassen wat je vertelde natuurlijk: “niet de vuile was buiten hangen.” Jij mocht niet bij Jan Kelder thuis blijven komen want je ouders waren bang dat je de vuile was buiten ging hangen. Van wat er bij jullie thuis gebeurde. Een familie op het Jacob van Campen-plein die waren ook met zestien kinderen of nee die waren er met veertien. Jullie met zestien mijn ouders met negen. Het waren allemaal gezinnen van negen, twaalf, dertien.Allemaal onder het mom van katholiek zijn.

Koos: En iedere keer als je thuis kwam met verlof. ja ik had nog die vijf jongste onder mij weet je wel. Dat was Bartje, Frans, Hans, Peter en Linda die werden na mij geboren. Nou dat waren dan nog kleutertjes, kinderen weet je wel zo. Die hadden hun eigen wil weet je wel. In die zin , ik kwam thuis van verlof dus ik werd wel hun stoorzender laten we het zo zeggen. Want ik ging ook mijn territorium vast liggen voor die twee drie dagen verlof. En dan moet je je voorstellen dan ben je  elf of twaalf jaar en dan hoor je je moeder beneden zeggen als hun het vragen die kinderen “ja Koos die.” dat hoor je dan je moeder zeggen: “nou hij gaat morgen weer weg “.

Nico:  Ja ja

Koos: Wat dat met je doet weet je.

Nico:  dat doet pijn.

Koos: Snap je.

Nico:  Ik snap het heel goed.

Koos: En dan heb je het gevoel niet weet je wel en je kunt het gevoel niet uiten omdat je haar weer niet wil kwetsen en je wil zelf niet gekwetst worden. Zulk soort dingen allemaal of dat je… ja rare dingen of raar… nou gevoel dingen. Of dat je je zit af te vragen: Flikker op weet je wel. Als ik weg gelopen was, als ik ontsnap was op het laatst, dan ging ik bij me zwager Frans Goedkoop slapen weet je wel. Die was getrouwd met me zus of niet getrouwd maar die leefden samen. Nou dan was ik zestien,zeventien en dat liep ik weg uit LNG en dan kwam ik bij hun. En zo leerde ik ook die Tieneke kennen, maar in ieder geval, dat is mijn ex vrouw. En toen was ik zeventien achttien en wij,Frans goedkoop mijn zwager dus. Frans Goedkoop en mijn zus Annie, daar sliep ook mijn broer Henk boven. Dus ik kon ook boven slapen weet je wel. dat was geen probleem.

Nico:  Ja.

Koos: Nou samen in het grote bed ook geen probleem. En die zat tegen me aan te rijden weet je wel Henk. Ik denk godverdomme weet je. Zat ik echt, ik zeg:  “Henk kap ermee Die zat met zijn lul tegen me reed aan te bonken, bij wijze van spreken. Dus ik zei s;morgens tegen Annie: “ik wil me eigen bed.”weet je wel zo. Meer zei ik niet. maar dat heb ik me al die tijd af zitten vragen, waarom doet die gek dat nou? waar komt dat nou vandaan? En mijn broertje jan ook, ook mijn oudere broer, die sliep ook daar boven. Ja later dan in een andere situatie. heb ik me zitten af vragen je moet je voorstellen. Ik was toen elf bij die Gerard toen ik het huis uit werd gehaald in die straat. De politie die heeft natuurlijk, dat ga ik zelf in zitten vullen, maar zo zal het wel gegaan zijn. Die zeiden tegen me ouders. We hebben hem gevonden hij lag met een vent thuis weet je wel. Dat moeten me oudere broers ook gehoord hebben.

Nico:  Ja natuurlijk.

Koos: En die dachten natuurlijk toen ik achttien was dat ik dat wel fijn vond of weet ik het allemaal Snap je?

Nico:  Ja ja.

Koos: Zo kan ik het dan een plek geven weet je wel laten we het zo zeggen.

Nico:  Zo probeer je het een plek te geven.

Koos: ja maar zulke waanzinnige dingen weet je wel

Nico:  Ongelooflijk he.

Koos: Ja.

Nico:  Ja Koos zo heb je heel wat meegemaakt jongen.

Koos: Ja in stilte.

Nico:  In stilte?

Koos: Stil verdriet

Nico:  In stil verdriet ja.

Koos: Toen ik vijftien was toen ging ik naar Amsterdam weet je wel zo. En ging ik ook al met kerels mee, dat was meer om te slapen laten we het zo zeggen. Dan belde ik mijn moeder op de Vaillantlaan die zat zondags altijd te kaarten dan. En ik wilde naar huis weet je wel zo maar spontaan. maar ik was niet vergeten natuurlijk toen ik weggelopen was dat ze de kinderpolitie ineens liet komen die kwamen ophalen. Ken je nagaan wat een kronkel. En toen was ik vijftien zestien in Amsterdam. En ik verlangde naar huis weet je wel zo of in ieder geval naar mijn moeder. Ik wist dat ze op de Vaillantlaan iedere zondag om elf uur ging kaarten. Dus ik bel naar de Vaillantlaan op in Amsterdam en ik had toevallig wat geld gepikt weet je wel uit een winkel of weet ik het allemaal. Maar in ieder geval en toen bel ik op, kreeg ik de Castelijn aan de telefoon weet je wel. Ik zeg “is mijn moeder er ook”? ” “wie bent u? ” oh Hertogs.””Oh Mieke” En die was er. En toen kreeg ik me moeder aan de lijn: “hallo hoe gaat het? En waar ben je?”Nou waar ben je denk ik niet dat ze dat heb gevraagd. Ik zeg: “ja ik wil wel langs komen maar”Zegt ze: “ik ben hier tot twee uur”Ik zeg: “” ja geef je me niet aan dan?”Zegt ze: nee je bent nu oud en wijs genoeg dat doe ik niet meer

Vaillantlaan_ri_De_PutNico: Ja.

Koos: Koos moet je luisteren toen was ik zestien jaar. Dus ik met een taxi naar Den-Haag. Ik heb me natuurlijk niet af laten zetten op de Vailliantlaan want misschien zat de politie me op te wachten weet je wel. toen ben ik er eerst om heen gaan gelopen op de Vailliantlaan, heel snel naar de overkant gelopen of er geen verdachten wagentjes stonden van de recherche of zo. Nee niemand. Nou toen kwam ik binnen zit me moeder te kaarten.  “Hey kom wil je wat drinken. Ga ik daar bij het biljart zitten. Zit ze tot half vier te kaarten “neem nog een balletje gehakt”weet je wel. daar kwam ik niet voor. Ik kwam voor haar snap je?

Nico:  ja ja ik snap je.

Koos: Ja en dan komt ze eindelijk en dan zitten we samen aan een tafeltje daar weet je wel. ja dan zit je over je broertjes te praten en zo. Ja ik verlangde gewoon weer terug. En dan zegt ze: “Nou ik moet nog wat doen, ik moet de aardappels opzetten”

Nico:  Haha

Koos: ja en dan ga je mee naar buiten en die fiets staat tegen de caféruit aan weet je wel.

Nico:  ja ja

Koos:  Stap ze op de fiets en zeg: “nou pas goed op “weet je wel zo.

Nico:  Ja ongelooflijk ongelooflijk dat  doet je verdrietig maken.

Koos: Maar snap je feitelijk had ik willen schreeuwen godverdomme waarom neem je me niet mee.

Nico:  ja ja.

Koos: Dat is dan dat kwetsen en niet willen kwetsen omdat zij dan in haar hulpeloosheid die ik vroeger als kind gevoeld had.

Nico:  ja dat is niet fijn Koos.

Koos: Ja dat soort dingen allemaal

Nico:  Totaal geen liefde hebben gekregen helemaal niks.

Koos: ja! Dat hou je allemaal vast  en dan schiet je in een fase van eh veel meer soort gelijke dingen.

Nico:  En dan krijg je ook inderdaad op een moment…

Koos: En dan zit je in een periode dit waren alleen maar periodes dat ik wel of niet thuis was he met mijn achttiende  had ik jeugd TBR of TBS TBR  was dat toen.

Hier kom je op een gevaarlijk terrein. Het manipuleren van Koos. Als je het bovenstaande geschreven  Je daar in mee laat trekken. In die zin van: “erg he, zielig he het is ongelooflijk wat een slechte moeder” Dan moet je sterk in je schoenen staan dat je Koos niet gaat zien als een mens. in plaats van een monster.

Koos: Nou toen kwam ik een beetje meer thuis. Ik ben nooit thuis geweest. van 1975 tot 1980 tot deze delicten kwam ik meer thuis. Toen leerde ik me moeder beter kennen weet je wel. Nou toen werd ik gewoon kotsmisselijk van haar. Er waren momenten dat ik echt helemaal misselijk van haar werd.

Nico:  Zou dat een grote rol hebben meegespeeld met Emy de Boer of zo?

Koos: Ja zij zei toen je heb je moeder doodgeschoten. weet je wel.

Nico:  Ja jij ziet dat op dat moment het beste natuurlijk omdat je zei vorige keer..

Koos: Ja ik begon er over te denken weet je wel zo.

Nico:  ja ja

Koos: Ze maken er dat van en dat van zo van een beetje minderwaardig maar het zou kunnen. maar ik geloof van mezelf van al die schakeltjes van kinds af aan naar boven kwamen en dat ik vanaf 1975 tot 1980 vrij ben gebleven. Ik word ongevraagd geconfronteerd met die Stolk. Ik word geconfronteerd met mijn gevoelens naar mijn familie toe die willen natuurlijk nog steeds die Koosje van toen. Ik heb je wel eens verteld op het laatst kwam ik helemaal niet meer thuis weet je wel. ik woonde op mezelf en zaterdags gingen ze kaarten bij ons thuis en zaterdagmiddag dan ging ik even vlug de boodschappen doen weet je wel.. kan je nagaan 26/27 jaar ging ik boodschappen doen. Niet dat ik het erg vond maar dat deed ik alleen maar dat zij dat eigenlijk niet hoefde te doen als een excuus ik moet nog boodschappen doen. Of de aardappelen opzetten.

Nico:  ja ja.

Koos: Ik wilde alleen met haar zijn weet je wel. ze bleef koud, met mijn broertje Ben en met zijn vrouw klaverjassen. En ik zat daar maar te wachten dat ze een keertje op zouden mieteren weet je wel. Zij had dat niet in de gaten weet je wel.

Nico:  Ze had het wel in de gaten> maar ze vond het kaarten belangrijker dan jou.

Koos: Maar dat niet alleen, ik heb ook meer signalen aangegeven thuis weet je wel. En dan zei ze doe normaal, als ik er iets van zei, Doe normaal of anders ga je naar buiten  Nou ophouden nou. Anders ga je naar buiten. Eruit dan weet je. Eruit! Ik heb je gewaarschuwd en dan zei je alleen maar iets uit een herinnering of zo he. Ik weet niet meer wat voor soort dingen maar zo iets. En dat ze een keertje tegen me zei van. ik zie je nooit meer. Ik werkte toen in de Mayfair in de Bilderdijkstraat ja toen kwam ik haar tegen in een café of zo. Nou toen herkende ik haar ook niet was aan het gokken en hoe ze sprak en reageerden.. Mijn moeder kwam op bezoek in die tehuizen dan was ze weer moeder weet je wel. maar als ik weer thuis kwam was ze heel anders.

Nico:  Gek he.

Koos: ja ,zulk soort dingen  weet je wel en dan zei ze van, ik zie je nooit meer. Straks leef ik niet meer of zitten jullie dar op te wachten. Weet je wel. Ik weet nog. Ik een kilo paling gehaald op se Brouwers gracht bij Simonis bij de rokerij.

Nico:   ja ja

Koos: Ik naar de Jan Steenstraat  bij mijn ouders thuis s.morgens vroeg half vijf aan bellen gaat het raam boven open. Nou wat moet je nou?  ja nou ik ben hier en kom even bij je op visite weet je wel zo. Zegt ze: “nou om negen uur ben je de eerste dag!”Boem raam dicht Nou kwaad dat ik was.

Nico:  Ha ha  ( ik denk ja half vijf in de ochtend)

Koos: Die paling door de staat heen gepleurd. Nou dat is ook moeder weet je wel. Niet dat het gekund had,  maar in een normaal gezin had het allang gebeurd geweest zo van. Zo kom eens hier pik wat is er aan de hand.

Nico:  ja natuurlijk.

Koos: Snap je die mensen hadden een onvermogen die konden…

Nico:  Ja dat weet ik niet koos of dat onvermogen was, jij heb voldoende signalen af gegeven, maar die mensen zagen daar gewoon niets in. Maar ik denk ook niet bij je broertjes en zusjes?

Koos: Nee ook niet. allemaal het zelfde.

Nico:  Misschien dat er eentje was waarvan ze echt hield of zo.

Koos: Ja dat zei de van Mes-dag ook, ja van Bennie.

Nico:  daar kon ze elke dag mee kaarten.

Koos: Ja. Bennie had ze nog verzorgd weet je wel. Bennie had zich te pletter gereden tegen een muur in leiden tien die zestien was. En die wilde naar huis heeft toen zeven of achten weken thuis in de akoof geslapen weet je wel.

Nico:  ja  a-koof die hadden wij thuis ook natuurlijk.

De Hagenezen uit het Schilders-wijk weten wel wat een akoof is. het is een kamertje waar meestal de ouders slapen. Tussen de woon kamer en de achter kamer.

Koos: ja dat soort dingen allemaal weet je wel, al die signalen die zijn er zoveel weet je wel. Die signalen prikkels die je niet uit signaleert, die aan herinneringen doen denken. Het is hoe je  zelf  werd aangepakt he. Bijvoorbeeld mijn broertje Bartje die kostuums ging stelen he. En ik ging voor een lege fles bij wijze van spreken en ik werd de vet pleuris gescholden en hij stond daar boven van eh de maat op te nemen voor zwagers en broers en daar werd hartelijk om gelachen en mijn moeder van eh…ja dat moet die zelf weten he mijn neefje die lood van het dak ging stelen “kijk je uit”weet je wel zeiden ze dan tegen hem hebben ze tegen mij niet gezegd toen ik ging inbreken. weet je wel.

Nico:  haha

Koos: Nee maar zie je dat, weet je wel “Kijk je uit jongen dat je niet van het dak valt?

Nico:  ja mooi he!

Koos: Het heb geregend gisteren,

Nico:  Ja verschrikkelijk joh.

Koos: Dat groeit in je. dan zie je dat, dan ben je daar bewust of onbewust  gaat er toch iets rommelen weet je wel.

Nico:  Maar kijk het zit eigenlijk dus zo Koos van jou gevoelend zoals je het vertelt, je pijn ,verdriet, geen geborgenheid gekregen het is feitelijk wel de aanzet geweest voor jou criminaliteit.

Koos: Ik ben aan het denken begonnen in Scheveningen met die zelfde vraag. Die ik zeker kon beantwoorden, ik ben niet geboren als kindermoordenaar. dat bestaat niet.

Nico:  Nee, dat denk ik ook niet.

Koos: Dus het moet ergens vandaan komen en dat is mijn ehhhh…

Nico:  En waar denk je waar het vandaan komt Koos zoals je net zegt die kindermoorden.

Koos: Nou ik denk, nee. Ik heb de ergste misdaad willen plegen waarvan ik zeker wist hier pak ik jullie mee. Voor overvallen, inbraken ben ik in hun ogen gewoon dezelfde en dat wilde ik eigenlijk ook niet natuurlijk.

Nico:  Nog een keertje Koos hoe zeg je dat?

Koos:  Nou als ik inbraken had gepleegd of een overval of schieten op de politie dan kwamen ze gewoon op bezoek dan namen ze  drank mee in een kapotje of zo alsof er niets aan de hand was weet je wel. Kwam ik weer thuis was er een feestje weet je wel omdat ik vrij was. Nou aan de andere kant die persoonlijkheid weet je wel. Ik voelde ook wel lichaamstaal weet je wel. weet ik het allemaal dat soort dingen. En ik denk. Ik denk ik zal jullie pakken weet je wel. En dar heeft echt een rol gespeeld weet je wel. Ik heb tegen Freddie de Been toen gezegd. En Fred heeft het weer tegen de recherche gezegd.. heb ik echt gezegd tegen Fred alleen de recherche kon dat niet geloven.

Nico:  Wat had je gezegd dan?

Koos:  Freddie, nou ik had tegen Fred gezegd in 76/77 toen gingen we naar me ex vrouw toe en Fredje kwam net uit de TBS en voor mijn gevoel wilde Fred een beetje af rekenen met Tieneke. Nou er was niks aan de hand. Maar voordat we naar Tieneke gingen stonden we beneden in de portiek en toen liet ik Fred weten als ik nu ooit nog een keer verschut gaat weet je wel voor wat dan ook. Moet het zo erg wezen dat de hele wereld er van schrikt weet je wel. Zo heb ik het een beetje gezegd he. Maar wat gaat Fred zeggen. Ja Koos _ kon hij zich schijnbaar nog herinneren- koos heb net tegen mij gezegd als ik ooit weer verschut ga, dan ga ik verschut voot het ontvoeren van een kind uit Wassenaar.

Nico:  Ja ja

Koos; Dus in feite wist ik al waar ik naar toe ging weet je.

Nico:  je zat al met die gedachte om…

Koos: Hele ernstige delicten te plegen welke delicten maakte me niet uit.

Nico:  Moesten het…

Koos: Hele ernstige delicten waar ik me hele familie mee kon pakken.

Nico:  Waar je je familie verdriet en pijn mee kon doen?

Koos: Ja vooral pijn en die had me moeder ook hoor. Die kwam dan op bezoek in hoe heet dat. In Amsterdam. En toen zei ze tegen mij. ja als je het heb gedaan dan kom ik niet meer op bezoek, ik ga niet weer het hele land door reizen hoor. Toen hield ik me in om haar niet te kwetsen. maar ik had eigenlijk tegen haar willen zeggen dan kan je maar beter gelijk op kankeren.

Nico:  ja ja.

Koos: Ik heb het niet gezegd. toen begonnen mijn broers met de Panorama over Stolk weet ik allemaal en toen kwam het een beetje naar buiten dat ik het wel had gedaan  laten we het zo zeggen en toen kwam mij moeder niet meer op bezoek.. Nou dar was ik niet echt treurig om hoor. En toen kreeg ik in eens te horen. Je moeder is overleden weet je wel zo. Een ander die zou he! maar ik was woest, die hele ruit er uit gegooid in mijn cel ik had zo ehhh stenen beeld weet je wel die had ik erdoor gegooid daarvoor hebben ze me laten opnemen.. Ik was kwaad

Nico:  Kwaad waarom Koos?

Koos; Nou ik weet nog wel mijn eerste gedachten was van…godver…godverdomme daar kom je goedkoop mee weg weet je wel. dat waren echt mijn eerste gevoelens weet je wel. Toen kwam mijn vader nog een keertje op bezoek daar had ik helemaal niets aan die was natuurlijk heel verdrietig en mijn vader…

Nico;  wat voor rol heb jou vader gespeeld in je leven Koos/

Koos: Een rol die me  voorgehouden werd door mijn moeder en dat bleek achteraf helemaal niet zo te zijn. Ik heb Pieter Baan rapportages gelezen dat de jeugd/kinderbescherming die wilde mij toen weg plaatsen en toen zei mijn moeder plaats hem maar weg liefst zo ver mogelijk. daar had mijn vader tegen geprotesteerd “nee dat wil ik niet ” Ik wil hem dichterbij hebben weet je wel. Dus mijn moeder was…

Nico:  Dus je moeder was degene..

koos: En mijn moeder gaf iedere keer mijn vader de schuld en daar rekende ik weer mee af,als ik vrij was weet je wel. Ik negeerde hem noem maar op.

Nico:  Maar je was enorm boos toen je moeder overleed?

Koos: Ja.

Nico:  En wat dacht je toen?

Koos: Over haar?

Nico:  Ja toen ze was overleden.

Koos: God daar kom je godverdomme goedkoop mee weg zeg.

Nico:  Je had haar nog veel meer verdriet en pijn willen doen?

Koos: Ja. ja misschien in mijn achterhoofd wat ik dan niet wist waar ik niet over praat natuurlijk. Misschien toch wel van ja je mist je moeder. haar geen antwoord meer kunnen geven hoe het met mijn jeugd was, het gevoel van eh, ja het interesseerde me in feite geen kloten. Ik was alleen ontzettend kwaad dat ik met het gevoel van nu! zal je horen hoe het met mij is vergaan. dat had ik in de Mes-dag weet je wel. In de Mes-dag zaten ook jongens natuurlijk en die hoe heet dat dat weet ik niet precies waarvoor ze zaten voor moord of zo, maar die wilde ik zeggen. Die ouders werden er bij gehaald bij zo gesprek weet je wel

Nico:  ja.

Koos: Moeten er bij komen he en dan zagen die gewoon de confrontatie van hun kind van toen naar hun ouders toe weet je wel.

Nico:  Dat had jij ook graag gewild met je moeder?

Koos; ja precies dat zei ik ook weet je wel daar zat een jongen in de Mes-dag die wilde helemaal niks met zijn moeder te maken hebben weet je zijn moeder had hem misbruikt of zo en ik zei wees blij dat je moeder er nog is want nu kan je nog met haar.. moet je eens zien wat er met mijn ouders gebeurde maar in feite zei ik om mijn ouders ja achteraf dat kan je die mensen nooit aan doen weet je wel. die waren nu tachtig of negentig geweest Die krijgen ter plekke een hartaanval als ze horen hoe ik gecreëerd ben door hun gedrag.

Nico:  het komt er op neer Koos dat is duidelijk dat is ook eerlijk wat je zegt. jou moeder heb jou feitelijk gevormd in die zin gevormd helemaal de verkeerde kant op.

Koos: ja en mijn vader natuurlijk. Mensen wisten niet om met hun kinderen om te gaan.

Ik denk: ja jij weet hoe je met kinderen moet omgaan Koos. Martelen, verkrachten en vermoorden.

Morgen verteld koos over zijn zuster Linda.

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s